Een noodsetje samenstellen voor in je werktas
Sommige spullen heb je zelden nodig, maar juist dan zijn ze onmisbaar. Een klein zakje met reservevoorraad dat permanent in je tas zit, vangt onverwachte situaties op zonder dat je er elke ochtend aan hoeft te denken.
Kies vijf tot acht kleine spullen
Een reservesleutel van huis of kantoor, een tientje contant geld, een korte oplaadkabel, een pen, een pakje tissues en een pijnstiller die je verdraagt — meer hoeft het niet te zijn. Stop alles in een klein ritszakje dat niet groter is dan je handpalm. Het gaat om dingen die je niet dagelijks gebruikt maar die lastig ter plekke te regelen zijn. Pas de inhoud aan op jouw situatie: draag je contactlenzen, voeg dan een reservesetje toe.
Geef het zakje een vaste plek
Stop het noodsetje in een binnenvak of zijvak dat je verder niet gebruikt. Het zakje moet meeverhuizen als je van tas wisselt, dus kies iets dat je makkelijk kunt overpakken. Leg het niet los onderin — dan verdwijnt het onder je lunch en papieren en vergeet je dat het bestaat.
Loop het eens per maand na
Kijk of het contante geld er nog in zit, of de pijnstillers niet over de datum zijn en of de kabel nog werkt. Vervang wat op is en gooi lege verpakkingen weg. Dit kost twee minuten en houdt je noodsetje bruikbaar voor het moment dat je het echt nodig hebt.